Ik wilde een jaar geld verdienen en daarna terug!

Publicatiedatum: 28-12-2018

Geen stress over rekeningen

In Nederland woont ongeveer een kwart miljoen Polen. Ook in de Alblasserwaard voelen zij zich thuis. Twee van hen zijn Bartek Pinski (29) en Patrycja Piotrowicz (22) uit Ameide. Wie zijn deze nieuwe Alblasserwaarders?
 
Bartek kwam in 2011 naar Nederland, op aanraden van een vriend. “Ik wilde graag een jaar geld verdienen en daarna terug naar Polen”, vertelt hij in het kantoor van AB Midden Nederland in Sliedrecht. “Ik werd stratenmaker.” Na dat eerste jaar volgde een twee Hollands jaar. En ook daarna wilde hij nog niet terug. Hij vond werk bij een betonbedrijf en ging grasmaaien op een golfbaan. “Nu ben ik technisch assistent in de glasfabriek in Leerdam.” Glunderend: “Ik kom nu in vaste dienst bij AB Midden Nederland.” Vlak voor het interview heeft hij met zijn leidinggevende het contract doorgenomen.

De eerste jaren woonde Bartek in Molenaarsgraaf, in een huis met meer Polen. Daar leerde hij twee jaar geleden Patrycja kennen. Ze werkt op de productieafdeling van Smaak & Co in Sliedrecht, waar kaasproducten worden gemaakt. “Ik wil hier wonen”, zegt ze. “Nederland is mooi. Ik kwam naar Nederland omdat mijn tante hier ook heeft gewerkt. Ze zei dat Nederland een goed land is waar je goed kunt verdienen. Ze is zelf weer terug naar Polen, omdat ze haar familie miste.” 

Geen contract

Is er in Polen zo weinig werk? Bartek: “Er is daar wel werk, maar het salaris is een beetje te weinig. Iedereen geeft je een minimaal loon en geen contract. Na twee weken zegt een werkgever soms weer: dankjewel. Vooral voor jonge mensen is het moeilijk om werk te vinden in Polen. Als je geen goede contacten hebt. Dat is in Nederland anders: als je goed kunt werken, zegt een werkgever: ‘Kom maar werken’.” 

Sinds enkele weken hebben Patrycja en Bartek hun eigen huurhuis, in Ameide. In Molenaarsgraaf hadden ze het goed naar hun zin. “De mensen daar zijn leuk”, zegt Bartek. “De buurmannen wilden altijd helpen. En als ze gingen barbecueën, mochten wij meedoen. We gingen ook af en toe een biertje doen.” Lachend: “Dat is goed om de taal te leren.” 

Ze vinden de Alblasserwaarders vriendelijk. Bartek: “Op straat zeggen mensen ‘hallo’ of ‘goedemorgen’ tegen je. In Polen niet. Ja, je buurmannen wel, maar op straat in het centrum groeten mensen in Polen je niet.” Een kritische kanttekening heeft hij ook. “Als Polen vinden we Nederlanders soms een beetje irritant. Ik heb vaak gehoord: ‘Wij Nederlandse mensen hebben geld zat.’ Ze denken soms dat ze beter zijn dan andere mensen.” Toch bevalt het leven in Nederland. Patrycja: “Hier hebben we minder stress.” Bartek: “Omdat we hier normaal geld verdienen. We kunnen onze rekeningen betalen. Je hoeft niet te denken: heb ik wel genoeg geld om de elektriciteit te betalen?”


Pools eten

In Polen had Bartek verschillende baantjes. “Ik heb gewerkt bij een kozijnenbedrijf. Slijpen, lassen en monteren. En in de bouw, als betonvlechter.” Patrycja was nog studente. “Ik ging naar de economische school.” Het omschakelen naar het leven in Nederland ging vrij makkelijk, vinden ze. “Maar aan het weer moesten we wennen. Er was meestal regen in Nederland”, zegt Bartek. Wat ze van het Nederlandse eten vinden? “We koken zelf, Pools eten.” Patrycja: “We maken schnitzel, aardappels en soep.” Bartek: “En pierogi, een deeggerecht met vlees en kaas erin. Maar het kan ook met aardbeien en slagroom.” Patrycja: “Wij eten onze pierogi het liefst met kaas.” Niet alleen in de keuken, ook daarbuiten houden ze graag vast aan een Poolse manier van leven. “We hebben vooral contact met Poolse vrienden”, zegt Bartek. “Alleen op het werk heb ik Nederlandse vrienden.” Patrycja knikt. “Ik ook.” 
 
De taal leerde Bartek vooral door met zijn collega’s en buurmannen Nederlands te praten. “Ik heb geen taalles gevolgd. Ik leer het mezelf een beetje, met een boek en een cd.” Patrycja: “Vorig jaar heb ik een basiscursus gedaan. Die was niet moeilijk. Dit jaar begon ik ook met een cursus, maar het was te druk. We werken fulltime. Volgend jaar wil ik een taalcursus gaan doen via AB Midden Nederland. Bartek niet, hij spreekt al goed Nederlands. Ik vind het belangrijk om de taal te leren.” Bartek: “Je moet alles zelf kunnen regelen, bij de gemeente, bij de bank.”


Hard werken

Ze missen hun familie. Twee keer per jaar gaan ze terug naar Polen. Bartek: “Ik zou wel vaker willen gaan, maar dat is moeilijk. Je moet ook werken toch?” Ooit willen ze weer in Polen gaan wonen. Maar voorlopig wil Bartek hard werken, in Nederland. Hoopvol: “Misschien kan ik op mijn vijftigste met pensioen.”

Bron: Het Kontakt, editie Alblasserwaard, 27 december 2018
Tekst en foto: Anne Marie Hoekstra